Back

Verhogen wij de dijken of veranderen wij de koers van de rivier? een blog van Guido Braam

Terwijl wij net bijgekomen zijn van de berichten over de immense recordtemperatuur in Canada, kijken wij met opengesperde mond naar de drijvende auto’s in Valkenburg.

De voorzichtige voorspellingen over de klimaatverandering uit het eerste rapport van de IPCC in 1990 zien wij versneld realiteit worden. Het water staat ons letterlijk en figuurlijk aan de lippen en het wordt heet onder onze voeten. Tijd om de dijken te verhogen.

Het ambitieuze klimaatpakket voor de Europese Unie die gisteren gepresenteerd werd door Frans Timmermans, vicepresident van de EU, komt niks te vroeg. Te laat misschien wel.

Je kan ervan wakker liggen, en dat doe ik ook zeker, maar als ondernemer blijf ik op zoek naar handelingsperspectief. Hoe kan ik mijn creativiteit, organiserende kracht en doorzettingsvermogen inzetten om de uitdagingen in de wereld op ondernemende wijze op te lossen.

Het duurzame moraliserende vingertje heeft nooit indruk op mij gemaakt. Niemand heeft het recht een ander de maat te nemen, want wij zijn allemaal imperfecte wezens die ons best doen om er het beste ervan te maken.

Samen hebben wij een construct gecreëerd dat wij nu de economie noemen. Ik heb er mijn studie van gemaakt op de Erasmus Universiteit en godzijdank was het geen wetenschap, want dan zou alles een vast gegeven zijn. Wij zijn zelf in staat de koers te verleggen, nieuwe afspraken te maken.

Precies de reden waarom wij ons inzetten om betekenisvol ondernemen het nieuwe normaal te maken. Oplossingen verzinnen, starten, laten groeien en hopen dat anderen volgen (en ja soms zelfs hopen dat ze je kopiëren).

Persoonlijk is de circulaire economie een ‘lifetime purpose’ geworden. De circulaire economie geeft ondernemers en ondernemingen een perspectief op nieuwe innovaties, nieuwe verdienmodellen die kwaliteit en levensduur belonen en niet aansturen op snelle vervanging en waardeverlies.

PBL rapport: waar is de economie in de circulaire economie

Daarom keek ik gisteren net zo reikhalzend uit naar het PBL rapport ‘Mogelijke doelen voor een circulaire economie’ als naar de presentatie van het klimaatpakket.

De titel geeft het al een beetje weg; ‘De mogelijke doelen’. Doelen voor de circulaire economie vaststellen is niet makkelijk. De circulaire economie is namelijk geen single issue. Het is een holistisch begrip dat meerdere doelen kan dienen, doelen die elkaar ook nog  in de weg kunnen zitten, als je de prioriteiten niet duidelijk hebt.

Ik merkte dat de uitkomst mij een beetje teleur stelde. De vraag die bij mij als eerste naar boven kwam was: ‘waar is de economie in de circulaire economie?’ De focus van het rapport ligt op efficiënt grondstoffengebruik en voor de positionering van de doelen draait het om; klimaatverandering, biodiversiteitverlies, vervuiling en leveringsrisico. Allemaal beleidsthema’s die mij persoonlijk aan het hart gaan, maar niks zeggen over het creëren van nieuwe banen, het vitaal houden van ons bedrijfsleven en de kracht van innovatie.

Waarom niet doelen die gaan over het ‘herwaarderen van vakmanschap’ denk aan een partij als Vepa Drentea, die zich richt op het herstellen en hergebruiken van ons kantoormeubilair. Dit vraagt om mensen op de productielocatie die verstand hebben van materialen en zich durven te bemoeien met het ontwerpproces.

Waar is de verwijzing gebleven naar de rapporten van onder andere McKinsey die laten zien dat het verlengen van de levensduur niet alleen voor een besparing in CO2 zorgt, maar ook miljarden kunnen toevoegen aan ons BBP?

Waar worden de nieuwe innovaties genoemd zoals de samenwerking tussen het Niaga van DSM en de circulaire matrassen van Auping? De switch in de gebouwde omgeving naar houtbouw en de grotere mate van aanpasbaarheid in de gebouwde omgeving?

Grotendeels wordt er ten aanzien van de reële wijziging in het bedrijfsleven verwezen naar productgroepen binnen de transitieagenda’s. En dat is precies mijn punt. De doelen zullen specifiek gemaakt moeten worden per sector, per productgroep, maar dan kan alleen als die doelen niet alleen voortkomen uit de klimaatagenda, maar ook voortkomen uit de kansen die de bedrijven zien.

Op deze wijze worden de nationale circulaire ambities, waarvoor ik zo mijn best heb gedaan om deze te laten landen bij de Nederlandse overheid, enkel een paragraaf in het  klimaatakkoord. Een gemiste kans, omdat wij als Nederland de grondlegger zijn van internationale handel, het bankensysteem, en verschillende financieringsvormen, zoals aandelen… Wij zijn bepalend geweest voor hoe de wereldeconomie vorm heeft gekregen, wij hebben regelmatig de koers van de rivier verlegd. Dat schept een verplichting, maar ook een kans om oude regels om te buigen en ervoor te zorgen dat onze economie weer in dienst komt van onze maatschappij en planeet in plaats van andersom. De circulaire economie biedt zicht op hoe de toekomstige economie eruit kan gaan zien.

Dus de vraag rijst; willen wij hogere dijken bouwen of gaan wij de koers van de rivier verleggen?”